Na het rampjaar

25 juli 2022 om 09:58

Op de kop af 350 jaar geleden voltrok zich het Rampjaar 1672. ,,Het volk was redeloos, de regering radeloos en het land reddeloos”, luidde een omschrijving van de status quo indertijd. Er brak oorlog uit, de Hollanders tegen de Fransen, Engelsen en Duitsers. Het toen nog onbeduidende dorp Zeist, waar slechts arme boeren en eenvoudige ambachtslui woonden, kreeg in juli ongewenst bezoek van de Franse Zonnekoning Lodewijk XIV. Wat hij hier precies kwam doen weet ik niet, maar het is leuk om te weten dat de Fransen in die tijd in de zomer naar ons toe kwamen, in plaats van andersom. Gelukkig hebben we van onze Franse vrienden niet meer zoveel te duchten, maar afgezien daarvan lijkt de omschrijving van de stand van het land onthutsend actueel. 

advertentie

Er is anno 2022 geen peil te trekken op de rede van het volk. We zijn verrukt over de vondst van kleine, ruwe babyhaaitjes in de Waddenzee, maar kunnen de verleiding niet weerstaan een spitssnuitdolfijn te bestijgen die een dagje naar Zandvoort wil. We vinden aangespoeld plastic afval op de Noordpool, maar zien geen noodzaak te stoppen met het aanschaffen van allerlei in plastic verpakte troep. De inflatie is hoog, maar kennelijk kan de meerderheid toch met vakantie want het dorp ligt er verlaten bij. Een minderheid, de boeren, is aangewezen als vijand van de natuur. Dat maakt ze niet meteen voor rede vatbaar. Ze slaan terug met trekkers en poëzie. Is het u ook opgevallen hoeveel rijmen er overal langs de weg zijn opgedoken? ‘Straks houden zelfs Ot en Sien het boeren voor gezien’, ‘Cijfers worden verdraaid, boeren worden genaaid’. ‘Als jonge boerenknul ben ik straks de lul’. Het dichten levert ze waarschijnlijk meer sympathisanten op dan de wegblokkades. We zijn tenslotte een volk van verzen, in elk geval in december. 

Redeloos krom zijn de redeneringen waarmee ieders belangen worden verdedigd. Boeren betogen graag dat hun bedrijf natuur produceert, ‘Boer en Natuur zijn elkaars beste Buur’. Tegelijkertijd beweert de KNVB dat ze een paar hectare boskap (het mag inmiddels een hectaretje minder van ze) gaan compenseren met de aanplant van bomen op een stuk weiland in Odijk. Precies, weiland, maar dat is toch al natuur? Kortom, we zijn het zo redeloos oneens met elkaar dat we het zelfs daar niet over eens kunnen worden.

De regering is radeloos. Fragmentarisch wordt er beleid over ons uitgestort. Bijvoorbeeld net voor het reces dat stikstofbommetje, een waarschuwing tegen het apenpokkenvirus of door het hitteprotocol weer van stal te halen. Ditmaal uitgebreid met kledingadvies voor plaknachten. Voor wie het gemist heeft: het wordt u door de overheid dringend ontraden om warme, zwoele nachten naakt door te brengen. Met een warm flanelletje slaapt u beter, bent u tegen de apenpokken beschermd (u voorkomt vel-op-velbesmetting) en u vat geen kou onder de overhaast aangeschafte airco. Geen lonkende vergezichten, maar praktische tips. Dat is wat we 350 jaar na het Rampjaar van de overheid mogen verwachten. Een gevoel van reddeloosheid dringt zich aan mij op. Dus ik vertrek voor een paar weken naar een onbeduidend dorp in het land van de Zonnekoning. Nog iemand een praktische tip? Ik wens u een mooie zomer.

Carol Dohmen