
Oud-directeur Wereld Natuur Fonds Niels Halbertsma presenteert boek over zijn reizen in Zuid-Amerika
26 maart 2026 om 11:23 AchtergrondZEIST Kort na de oorlog ging Niels Halbertsma op advies van zijn vader studeren in de Verenigde Staten. Hij leerde er Spaans, en ging daarna op bezoek bij zijn broer, die in Colombia werkte. Halbertsma vond er een baan bij een scheepvaartmaatschappij. Niets leek een glansrijke carrière in het bedrijfsleven in de weg te staan. Tot hij zich afvroeg of dit nu alles was.
advertentie
Achteraf bezien zijn de films die ik bij ze maakte tijdsdocumenten die uniek materiaal bevatten
Hij was altijd al gefascineerd door alles wat met film te maken had. Toen hij een filmfragment van inheemse bewoners van de kust van Panama zag, dat een vriend van hem maakte, wist hij wat hij wilde. Documentaires maken. Geen idee hoe hij daarmee zijn brood kon verdienen, maar Halbertsma is een avontuurlijk man. Hij deed het, en werd een succesvolle documentairemaker. In zijn eerste jaren maakte hij films over de oorspronkelijke bewoners van Colombia. De reizen die hij daarvoor maakte, beschrijft de nu 96-jarige Niels Halbertsma in een boek dat leest als een avonturenroman: Piraparaná , Reizen in Colombia en Panama 1957-1961.
Niels Halbertsma en zijn vrouw Hanna wonen inmiddels ruim vijftig jaar in de gemeente Zeist, waar hij directeur van het Wereld Natuur Fonds was. De auteur schreef dit boek omdat hij iets wilde vastleggen van zijn belevenissen voordat hij ze niet meer zelf kan vertellen, maar Piraparaná is meer dan dat: Halbertsma betuigt hiermee ook zijn eerbied en bewondering voor de inheemse bewoners van de landen waar hij filmde. ,,De manieren waarop deze mensen in en met de hen omringende natuur leefden, zijn de moeite van het overdenken waard in deze tijd waarin de verhouding tussen mens en omgeving steeds verder onder druk wordt gezet.’’
Hij filmde volken die nauwelijks bekend waren - ook niet bij de niet-oorspronkelijke bewoners die ver van de binnenlanden aan de kust woonden. ,,De Cuna, de Embéra, de Makuna, de Kogi - wie had er ooit van ze gehoord? Ik niet.’’ Zijn films en nu ook zijn boek legden vast hoe deze mensen leefden op de overgang van een traditionele levenswijze naar een tijd, die ze machetes en jachtgeweren bracht in plaats van de pijl en boog. ,,Hoe moeilijk deze mensen het naderhand zouden krijgen besefte ik toen niet. Achteraf bezien zijn de films die ik bij ze maakte tijdsdocumenten die uniek materiaal bevatten.’’
VASTGEBONDEN AAN DE MAST
Halbertsma begint in zijn boek al snel met een spannende reis, waarbij de onervaren documentairemaker niet alleen een onverschrokken avonturier lijkt, maar misschien ook wat naïef. Om de San Blas-eilanden te bereiken, zijn eerste reisdoel, koopt hij een boot. Samen met zijn jongere broer en een vriend zou hij van Colombia naar Panama oversteken. Maar zijn vriend moest afhaken en zijn broer heeft grote twijfels. ,,Het is geen ongevaarlijke reis, en volgens mij kan jij eigenlijk niet echt goed zeilen.’’ Daar had hij gelijk in, schrijft Halbertsma: ,,toen ik dertien was heb ik een zeilcursus gevolgd waarbij ik voor praktijkzeilen een vijf haalde.’’ Maar hij laat zich niet tegenhouden, zoals hij ook later niet zou doen en hij maakt de oversteek van Colombia naar Panama. Alleen, in 72 uur en zonder slapen. Hij moet zich vastbinden aan de mast om niet van het schip te vallen als hij niet wakker kan blijven.
De laatste reis die Halbertsma in het boek beschrijft, maakte hij samen met zijn vrouw Hanna. Ze hadden elkaar pas zes weken eerder ontmoet, bij een lezing die hij in Nederland gaf. Toen hun eerste kind geboren werd, vestigden ze zich in Nederland. Al het beeldmateriaal dat Halbertsma op zijn reizen maakte, heeft hij kunnen onderbrengen in de bibliotheek van Bogotá, waar iedereen het gratis kan raadplegen. En in Nederland hebben we nu zijn bijzondere boek.
Piraparaná is uitgegeven door Noordboek en is onder meer te koop bij boekhandel Kramer & van Doorn aan de Slotlaan.













