Loco-burgemeester Melody Deldjou Fard spreekt de honderdjarige toe.
Loco-burgemeester Melody Deldjou Fard spreekt de honderdjarige toe. Menno Bausch

Wim Velthuijsen is honderd!

21 juli 2026 om 09:13 Mensen

ZEIST Een paar dagen voordat hij honderd wordt, loopt Wim Velthuijsen achter zijn rollator van de hal naar een tafeltje in het restaurant van Huize Hoog Kerckebosch. ,,Loslaten hoort bij de leeftijd. De natuur is mild; als je zo oud bent als ik, kun je dat accepteren.’’ Het woonzorgcentrum noemt hij in een grappige bui weleens ,,de luxe cruise naar het hiernamaals’’. ,,Zeven jaar geleden is mijn vrouw overleden. Autorijden kan ik niet meer. Twee jaar geleden ben ik hierheen verhuisd omdat het thuis niet meer ging en tenslotte zal ik het kopje neerleggen. Voorlopig verblijf ik in dit prachtige bejaardenhuis en realiseer ik me dagelijks wat een geweldig voorrecht het is om op je oude dag in zo’n huis te zitten.’’

advertentie
Loslaten hoort bij de leeftijd

Openhartig vertelt Velthuijsen over het lange leven dat achter hem ligt en waarvan hij zich veel herinnert. 

Als digitaal vaardige oudere – ,,Ik speel Wordfeud met vijf dames’’ – heeft hij achter zijn beeldscherm twee boeken geschreven. Eén met zijn levensloop en één met anekdotes. ,,Ik zit regelmatig achter de pc. Fysieke inspanning is al gauw te vermoeiend, helaas. Maar tekstverwerking op de pc of spelletjes op de telefoon spelen, dát gaat nog best.’’

Velthuijsen is geboren in Bussum, als een van de twee zoons van een handelsreiziger. Vader was door de week op pad, moeder voedde haar kinderen op. 

Omdat hij ook een geëmailleerd plaatje op zijn fiets wilde dat recht gaf op stalling bij het Christelijk Lyceum in Bussum, deed hij in de zesde klas extra zijn best. Dat lukte, met hulp van een nieuw schoolhoofd dat het niveau van de school wilde opkrikken.

OORLOGSJAREN

Toen de leergierige Wim in de derde klas zat, werd het schoolgebouw gevorderd door de bezetter. Ondanks ingekorte lessen op vreemde tijden slaagde hij in 1943 met mooie cijfers voor zijn eindexamen. Studeren leek onhaalbaar. Wim en zijn broer Jan werden opgepakt bij een razzia in Bussum en tewerkgesteld in Arnhem. De dwangarbeiders kregen van de Duitsers betaald. Het loon dat hij tijdens zijn vlucht meenam, bleek na de oorlog tot zijn verrassing niet waardeloos. Daardoor kon hij zijn studie aan de Landbouwhogeschool in Wageningen bekostigen. Over die periode als dwangarbeider vertelde Velthuijsen in 2018 bij de jaarlijkse 4 mei-herdenking in het Walkartpark.

Een maand nadat hij zijn studie had afgerond, trouwde hij met Rietje, het zusje van een studievriend. Het jonge paar vestigde zich in Emmeloord, waar Velthuijsen aan de slag ging als adjunct-inspecteur bij de Rijksdienst voor de IJsselmeerpolders.

Een jaar later verliet hij de Rijksdienst om aan de slag te gaan bij het rentmeesterskantoor van zijn schoonvader. Het echtpaar verhuisde naar Driebergen, waar hun twee zoons werden geboren. ,,Na onze tijd in de Noordoostpolder hebben we jarenlang aan de Melvill van Carnbeelaan gewoond. Een heerlijke buurt, vlak bij het bos. Mijn oude buren komen nog regelmatig bij me op bezoek.’’

IETS TOTAAL NIEUWS

Zijn loopbaan begon glansrijk, maar na vijftien jaar belandde Velthuijsen in een zware depressie. Met steun van zijn echtgenote en collega’s kwam hij daar goed doorheen. Hij ging bovendien iets totaal nieuws doen: een cursus Italiaans en een cursus kunstgeschiedenis. Hij trad terug als directeur en vond werk als cursusleider aan de Universiteit van Wageningen. Daarna bekleedde hij nog diverse andere functies die meer waren gericht op het geven van onderwijs. ,,Ook ben ik gaan schilderen. Na mijn pensioen op zestigjarige leeftijd heb ik me daar verder in bekwaamd.’’

Toen Wim en Rietje zestig jaar waren getrouwd, kwam burgemeester Naafs van de gemeente Utrechtse Heuvelrug het briljanten paar feliciteren. Drie jaar later werd Velthuijsen weduwnaar.

Hoe het is om op een haar na honderd jaar te zijn? ,,Mijn beide ouders zijn allebei in de 90 geworden. Ik had één broer, die is overleden toen hij 66 jaar was. Het is een vreemde gedachte, honderd jaar te zijn.’’ De dagen vullen zich met lezen. ,,De krant, de Groene Amsterdammer en boeken. Ik kijk veel televisie, vaak ‘s nachts. Regelmatig zit ik ook achter de pc. De dagelijkse dingen kosten allemaal meer tijd.’’ Hij benadrukt hoezeer hij de goede zorgen in Hoog Kerckebosch waardeert. ,,In het huis heb ik een nieuwe kameraad gevonden. Samen steken we de draak met zaken die voorbij komen. Een goede mop is nooit weg.’’

Stilstaan bij de bijzondere mijlpaal doet de honderdjarige op de grote dag zelf, met beide zoons, die inmiddels zijn gepensioneerd, een traktatie voor de medebewoners en het personeel van het huis en een bezoek van de loco-burgemeester. Twee dagen later komt de hele familie bijeen in Oud London. Naast zijn beide zoons en hun partners zijn er vier kleinkinderen en acht achterkleinkinderen.

Mail de redactie
Meld een correctie

advertentie
Deel dit artikel via:
advertentie
advertentie