Het beeld van Vrouwe Justitia bij de rechtbank in Utrecht.
Het beeld van Vrouwe Justitia bij de rechtbank in Utrecht. ...

Nabij Wonen hoeft klagende huurder niet met voorrang aan andere woning te helpen

29 september 2026 om 01:50 Rechtbank

ZEIST/UTRECHT De eis van de bewoner van de Kritzingerlaan die wilde dat NabijWonen hem zou helpen met het vinden van een woning in de stad Utrecht is door de rechter afgewezen. 

advertentie

De man woont sinds januari 2021 in de Kritzingerlaan. In mei 2024 kwam ook zijn vrouw daar wonen. Op 31 december 2025 werd hun tweeling geboren. 

Al in 2023 waren er problemen tussen de man en diverse buren. Dat leidde toen al tot gesprekken van de man met de voorganger van NabijWonen: de Rooms-Katholieke Woningbouwvereniging. Volgens de man heeft de R.K. Woningbouwvereniging in dat gesprek beloofd om hem in het geval van structurele overlast door buurtbewoners aan een andere woning te helpen. NabijWonen bestrijdt dat. Na het gesprek heeft de man diverse meldingen van overlast gedaan, meestal betrof het geluidsoverlast. Maar de man zag af van buurtbemiddeling en verleende ook geen medewerking aan een geluidsmeting. Vervolgens klaagde de man bij de gemeente Zeist, maar die vond geen aanwijzingen voor woonoverlast. 

De man stelt dat de R.K. Woningbouwvereniging hem in 2021 beter had moeten informeren over de ,,sociale omstandigheden´ in de wijk. Hij stelt dat hij in zijn buurt gediscrimineerd wordt vanwege zijn migratie-achtergrond. NabijWonen stelt dat er geen regel bestaat over een dergelijke informatieplicht en dat het bij de organisatie ook niet bekend is dat er in de straat bewoners met gevoelens van vreemdelingenhaat zouden zijn.

De rechter geeft NabijWonen gelijk. De man heeft volgens de rechter niet aannemelijk gemaakt dat hij last zou hebben van mensen die moeite hebben met immigranten. NabijWonen heeft weliswaar de plicht om het huurgenot van zijn huurders te beschermen tegen overlastgevers. Maar hoewel de man klaagde over overlast, intimidatie en pesterijen door buurtbewoners ziet de rechter daar geen aanwijzingen voor.  

De rechter beslist dan ook dat de man geen recht heeft op een huurprijsvermindering en evenmin op een hogere plaats op de wachtlijst voor een andere woning.

Een kort geding biedt geen ruimte voor nader onderzoek naar feiten en omstandigheden. Dat zou wel kunnen in een bodemprocedure. Aangezien dit kort geding daaraan voorafgaat stelt de rechter dat het oordeel in dit geding slechts voorlopig is.  

Mail de redactie
Meld een correctie

advertentie
René Borkent
Deel dit artikel via:
advertentie
advertentie