
Geen uitspraak van rechter in zaak van honden in waterwingebied
15 mei 2026 om 11:12 RechtbankUTRECHT/ZEIST De rechter doet geen uitspraak in de zaak van hondenbezitters die hun hond willen blijven uitlaten in het waterwingebied bij de Bergweg.
advertentie
Het gaat hier om een conflict tussen mensen die hun hond willen uitlaten en los laten lopen in het gebied van het waterwinpark. Waterbedrijf Vitens wil dit niet meer, onder meer omdat de hondenpoep negatieve gevolgen zou kunnen hebben voor de kwaliteit van het drinkwater.
Daarop wendden enkele hondenbezitters zich tot de gemeente. Zij wilde dat de gemeente ervoor zou zorgen dat alles bij het oude zou blijven en dienden daarom op 23 oktober een ,,verzoek tot handhaving´´ in. Zij wilden dat het waterwinpark een losloopgebied voor honden blijft, niet heringericht wordt en dat het Waterwinpark toegankelijk blijft. Een paar weken later, op 9 november, stelden de indieners de gemeente in gebreke omdat de gemeente nog geen besluit had genomen over het verzoek. De gemeente reageerde op 14 november en gaf aan dat de beslistermijn nog niet was verlopen.
Op 11 december liet de gemeente per brief weten dat ze het verzoek niet ontvankelijk had verklaard. De reden: de aanvragers waren geen direct belanghebbenden. Daarop stapten de aanvragers naar de rechter.
Het bezwaar van de hondenbezitters richtte zich in de eerst plaats op de herinrichting. Zij wilden dat het park teruggebracht wordt in de oorspronkelijke staat, omdat het nieuwe ontwerp het Waterwinpark minder geschikt maakt om -al dan niet met hond- in het park te recreëren. Maar zo´n verzoek, stelt de rechtbank, maakt alleen kans, als sprake is van een overtreding. Dat is niet het geval concludeert de rechter. Er staat nergens dat Vitens het park niet zonder instemming van het college mag aanpassen.
En wat betreft de honden: op het moment dat Vitens aan de herinrichting van het park begon was het gebied verboden voor honden. Verder blijkt dat de aanwijzing van het park als hondenlosloopgebied in 2015 wel aan het college van Zeist is voorgelegd, maar dat het college hier nooit een besluit over heeft genomen.
Ook het plaatsen van een hek bij de ingang op de Javalaan is volgens de rechter geen probleem. Het park is immers via andere paden nog steeds openbaar toegankelijk. `
GEEN BELANGHEBBENDEN
En dan de vraag of de eisers belanghebbenden zijn. Volgens de wet moet een persoon een objectief en actueel, eigen en persoonlijk belang hebben om als belanghebbende te kunnen worden aangemerkt. In dit geval woont een eiseres meer dan 500 meter van het park, een eiser zelfs meer dan een kilometer. Ze laten we dagelijks hun hond uit in dit park. Echte alternatieven zijn er ook niet, want in het bos kunnen de honden niet meer los. Je kunt een wolf tegenkomen. Een andere eiseres woont wel pal naast het park, maar ook voor haar is het park toegankelijk, concludeert de rechtbank. Daarom stelt de rechter dat de eisers geen belanghebbenden zijn bij het verzoek om handhaving.
De belangrijkste overweging is echter dat het verzoek van eisers aan de gemeente Zeist volgens de rechtbank niet gezien kan worden als een aanvraag. De gemeente hoefde dus geen besluit te nemen over het verzoek. En daarom kan er ook geen sprake van zijn dat de gemeente Zeist te lang zou hebben gewacht met het nemen van dat besluit. En daarom is de rechter ,,onbevoegd om kennis te nemen van het beroep en evenzeer om kennis te nemen van het verzoek om een voorlopige voorziening´, zo staat in het vonnis.
IN GESPREK
De gemeente Zeist en de omwonenden hebben nog niet gereageerd op de beslissing van de rechtbank. Vitens laat weten: ,,Voor een inhoudelijke reactie op het vonnis verwijst Vitens naar de gemeente Zeist, aangezien de procedure was gericht tegen de gemeente. Meer algemeen kan Vitens aangeven dat de gemeente Zeist, Vitens, omwonenden en gebruikers in gesprek zijn over de nieuwe regels voor het gebruik van het park. Daarbij zoeken we een goede balans tussen het beschermen van de voorzieningen van Vitens en de wensen van bezoekers van het park.´´




















